Noodhulpteams +

  Rode Kruis Rotterdam-Rijnmond

Home
NHTPlus
GGB
Materiaal
Nieuws
Agenda
Chauffeurs
Opleiding
Profcheck
Links
Foto
Video
Contact
Disclaimer

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Cin,Vor en TIS

Centraal Incidenten Nummer (CIN)

Voorvallen met (mogelijk) gevaar:

CIN G1 - Verspreiding van stoffen (gas, vloeistofnevel, vaste deeltjes) door de lucht.
CIN G2 - Verspreiding van stoffen over het oppervlak (land, oppervlaktewater)
CIN G3 - Overig (potentieel) gevaarlijke gevolgen (stormschade, dreigend omvallen schoorsteen) 

Voorvallen met (mogelijk) overlast, milieugevolgen:

CIN Z1 - Verspreiding van Stoffen door de Lucht.
CIN Z2 - Lekkage van vloeistof op of in het oppervlaktewater.
CIN Z3 - Lekkage van stof op het land.
CIN Z4 - Overige overlastgevende situaties (Luchtalarm)

B - Brand
G - Mogelijk Gevaar
Z - Zonder Gevaar

Vliegtuig Ongeval Rotterdam Airport (VOR)

      VOR 1 - Voorzorgslandingen of klein incident.

      VOR 2 - Noodlanding van een vliegtuig met 1-6 personen aan boord.

      VOR 3 - Noodlanding van een vliegtuig met 7-54 personen aan boord.

      VOR 4 - Noodlanding van een vliegtuig met meer dan 54 personen aan boord.

      VOR 5 - Crash van een vliegtuig met 1-6 personen aan boord. Of een ongeluk met een vliegtuig onderweg van of naar of op een afhandelingspositie met 1-6 personen aan boord.

      VOR 6 - Crash van een vliegtuig met 7-54 personen aan boord. Of een ongeluk met een vliegtuig onderweg van of naar of op een afhandelingspositie met 7-54 personen aan boord.

      VOR 7 - Crash van een vliegtuig met meer dan 54 personen aan boord. Of een ongeluk met een vliegtuig onderweg van of naar of op een afhandelingspositie met >54 personen aan boord.

Treinincidentscenario's (TIS)

De scenario's die gebruikt worden voor de operationele voorbereiding voor de HSL-Zuid en de Betuweroute bestaan uit de treinincidentscenario's (TIS), zoals genoemd in de eerder genoemde Leidraad, aangevuld met scenario's die specifiek zijn voor de beide spoorlijnen en met scenario's die relevant zijn geworden in de loop der tijd, zoals terroristische scenario's.

De scenario's zijn ingedeeld in 5 groepen:
TIS 1: Verstoring treindienst
TIS 2: Brand
TIS 3: Aanrijding of ontsporing
TIS 4: Gevaarlijke stoffen
TIS 5: Bommelding

Elke groep van TIS'en kent een verdeling over vier verschillende omvangen, waarbij 1 de kleinste is en 4 de grootste of meest complexe. Gekozen is voor de benamingen 'zeer beperkt' - 'beperkt' - 'ernstig' - 'zeer ernstig' en niet voor de bij de brandweer gangbare gradaties 'klein' - 'middel' - 'groot' - 'zeer groot'. Dit is gedaan om verwarring bij centralisten op de AC's te voorkomen: het aantal ingezette tankautospuiten loopt bij de vier gradaties van een TIS niet synchroon met die bij een kleine, middelgrote, grote en zeer grote brand (of ongeval).

TIS 1

TIS 1 betreft vrijwel altijd een bedrijfsmatige onderbreking voor de spoorwegen, zonder dat dringende hulp van de hulpdiensten daarvoor nodig is.

TIS 1.1: een storing waarbij vertragingen ontstaan van meer dan 5 maar minder dan 30 minuten.
TIS 1.2: een storing waarbij vertragingen ontstaan van meer dan 30 minuten.
TIS 1.3: totale versperring.
TIS 1.4: totale versperring met uitstraling naar een groot gedeelte van het land.

TIS 2

Bij TIS 2 gaat het om scenario's waarbij sprake is van brand. Ook hierbij bestaan er vier categorieŽn of gradaties.

TIS 2.1: een bermbrand.
TIS 2.2: een kleine brand in trein of station.
TIS 2.3: een grote brand in een trein.
TIS 2.4: een grote brand in een station of tunnel.

TIS 3

TIS 3 beschrijft de scenario's van aanrijdingen en botsingen waarbij slachtoffers betrokken zijn, variŽrend van een aanrijding met ťťn klein voertuig tot een zeer ernstige aanrijding waarbij meerdere slachtoffers betrokken zijn en de treinstellen ernstig beschadigd zijn.

TIS 3.1: aanrijding trein met een persoon, (brom)fiets of voorwerp.
TIS 3.2: aanrijding trein met rangeerdeel of klein wegvoertuig (auto/bestelbus en dergelijke).
TIS 3.3: ontsporing met slachtoffers of aanrijdingen trein met andere trein of groot wegvoertuig (bus/vrachtauto) waardoor wagenstellen niet vervormd, gekanteld of gestapeld zijn.
TIS 3.4: ontsporing met slachtoffers of aanrijdingen trein met andere trein, groot wegvoertuig of object waardoor wagenstellen vervormd, gekanteld of gestapeld zijn.

TIS 4

TIS 4 is gereserveerd voor de gevaarlijke stoffen en komt daardoor vooral voor op de Betuweroute. De classificatie is hier iets anders dan bij de andere scenariotypen.

TIS 4.1: een klein ongeval met gevaarlijke stoffen, zoals een druppelende afsluiter of blazende veiligheid.
TIS 4.2: een brand waarbij een gevaarlijke stof betrokken is.
TIS 4.3: een ontsnapping van een gevaarlijke stof waarbij de effecten beperkt blijven tot het brongebied.
TIS 4.4: een ongeval met gevaarlijke stoffen waarbij duidelijk sprake is van een effectgebied.

Nieuw: TIS 5

De nieuwe groep met scenario's voor treinincidenten is groep 5. Met TIS 5 worden de scenario's beschreven waarin sprake is van bommelding, bomvinding of bomexplosie. De classificatie varieert van 1, een bommelding, tot 4, een daadwerkelijke explosie.

TIS 5.1: anonieme bommelding of verdacht gedrag.
TIS 5.2: verdacht voorwerp of bomvinding op de vrije baan.
TIS 5.3: verdacht voorwerp of bomvinding in trein op station, op station of in tunnel.
TIS 5.4: bomexplosie in trein, station of in tunnel.

Home